Het rode lampje van de RET

RET

Wie met het openbaar vervoer reist, is al aardig milieubewust bezig. Metro’s en trams rijden elektrisch. Toch heeft de RET ambitieuze doelen als het om duurzaamheid gaat. In gesprek met Virgil Grot, senior adviseur Business Ontwikkeling en Duurzaamheid bij de RET, vliegen de milieutermen ons om de oren: klimaatneutraal vervoer, circulair bouwen en circulaire bedrijfsprocessen. Wat betekent dat allemaal? En belangrijker: waar ziet RET kansen en uitdagingen voor de toekomst?

“Het nemen van het openbaar vervoer is inderdaad al een maatschappelijk verantwoorde keuze”, bevestigt Grot. “Maar daar houdt het voor ons niet op. Naast een soepele en toegankelijke reis voor de reiziger, moeten we samen met gemeenten en partners ook zorgen dat het OV circulair wordt.”

Virgil Grot

Bonuspunten

De ambitie van de gemeente Rotterdam is dat in 2030 circulair de maatstaf is. Grot deelt deze ambitie maar is tegelijkertijd ook voorzichtig. Circulaire producten zijn namelijk producten die volledig uit hergebruikte materialen of hernieuwbare grondstoffen bestaan en waarbij ook al in het ontwerp rekening is gehouden met een nieuwe bestemming aan het einde van de levensduur. Grot: “De contracten voor onze bussen lopen in 2019 af. Uiteraard gaan we nu elektrische bussen aanschaffen en vragen we bijvoorbeeld wel naar de herkomst van materialen, maar volledig circulaire vervoersmiddelen kan de markt nog niet bieden. Leveranciers krijgen wel bonuspunten binnen de aanbesteding als ze daar iets in kunnen betekenen. We dagen de markt uit om met duurzame oplossingen te komen.”

Het vervoer van de RET wordt klimaatneutraal. Nul uitstoot dus. De 250 nu nog dieselbussen van de RET worden de komende jaren gefaseerd ingewisseld voor elektrische. In 2030 rijdt de reiziger ‘schoon’, welk vervoermiddel hij ook kiest. Dat betekent ook dat alle energie die de RET gebruikt hernieuwbaar is, dus volledig uit natuurlijke bronnen afkomstig. Grot: “We gebruiken nu al groene energie, maar vanaf 2020 nemen we alleen nog maar zonne- en windenergie af.”

‘We gebruiken nu al groene energie, maar vanaf 2020 nemen we alleen nog maar zonne- en windenergie af’

Rood lampje

“We zijn al een tijd lang bezig om ervaring op te doen met schoner vervoer, maar ook om de uitstoot nu al zoveel mogelijk te verminderen”, gaat Grot verder. “We hebben hybride bussen aangeschaft en doen nu een proef met waterstofbussen. Daarnaast hebben we de huidige bussen voorzien van een ingebouwd systeem waarop chauffeurs kunnen zien of ze zuinig rijden. Bij een groen lampje rijden ze zuinig, bij een rood lampje niet.”

Verder wil het vervoersbedrijf dit jaar gescheiden afvalbakken aanbieden op grote metrostations. Voordat het zover is, wil zij analyseren welk afval reizigers hebben. Bijvoorbeeld in de ochtend meer fruit en in de namiddag meer krantjes. “Na dit onderzoek weten we beter wat reizigers weggooien en kunnen we onze afvalstromen daarop afstemmen.”

Regenjassen

“Dit is allemaal zichtbaar voor de reiziger, maar er zit nog een hele wereld achter”, legt Grot uit. Het vervoersbedrijf heeft de ambitie om eveneens in 2030 het werk achter de schermen volledig circulair te laten verlopen. Dit gebeurt op vele plekken al. “We vangen bij de tramremise Beverwaard regenwater op, wassen daar de voertuigen mee en recyclen dat water daarna om nog een keer te gebruiken. We vergeten soms dat we door revisie van bijvoorbeeld motoren, wissels en andere mechanische onderdelen al jaren de levensduur van onze bedrijfsmiddelen verlengen. Dat is ook essentieel in de circulaire economie en dat doen we al sinds het begin van ons bestaan. De tramremise Beverwaard heeft nog meer circulaire systemen, zoals een slim verwarmingssysteem dat werkt op basis van temperatuurverschillen van de aarde, een zonneboiler voor warm water en bewegingsensoren in het lichtontwerp waardoor je efficiënter omgaat met energie.”

Beeld: RET

Remenergie van metro’s

Je noemt het maar en de RET is er al mee bezig. Zonnepanelen op daken van stations, groene daken, afvalscheiding op werkplaatsen en het inzamelen van bedrijfskleding en veiligheidsschoenen voor hergebruik. “Wat een reiziger waarschijnlijk ook niet weet is dat als een metro of tram remt, we die energie opslaan en weer hergebruiken middels terugvoedstations. Dit doen we nu al, maar je zou hiermee je eigen bussen weer kunnen opladen”, zegt Grot.

Een plan is zelfs om deze ‘opgevangen’ energie te gebruiken voor een oplaadpunt op station Zuidplein, waar niet alleen elektrische bussen kunnen worden opgeladen, maar waarmee je ook bijvoorbeeld het zwembad en zelfs de Ahoy voorziet van energie. “Het zijn allemaal vergaande ideeën voor een slim energienetwerk, maar deze plannen maken we uiteraard niet alleen. Dit doen we in samenwerking met Stedin en de gemeente.”

Circulair denken

De mogelijkheden zijn legio, maar alles kost uiteraard geld. “Dat is ook het spanningsveld waarmee we te maken hebben. We moeten realistisch blijven in wat er kan met beschikbare financiële middelen. Gelukkig zit duurzaamheid vaak ook in andere manieren van werken. Ons beleid is dat we zoveel mogelijk grip willen krijgen op onze invloed op het milieu. Nieuw voor ons is om na te denken over een duurzame bestemming voor de nieuwe bussen die instromen en de dieselbussen die straks uitstromen. Dat is circulair denken: dat je al aan de voorkant nadenkt over zo min mogelijk verspilling in de toekomst.”


Enkele duurzame wetenswaardigheden:

- De RET rijdt alle reizigerskilometers nu voor 84 procent elektrisch. In 2030 voor honderd procent.
- Op vier stations liggen ruim 1350 zonnepanelen. In 2030 worden dat er zo’n 5000 op de stations. Op garages en remises komen meer dan 10.000 panelen.
- RET heeft nu vier hybride bussen. In 2019 komen daar 55 elektrische bussen bij, in 2021 nog eens vijftig en voor 2030 zijn alle 250 bussen elektrisch.
- Remise Beverwaard gebruikt totaal geen gas.
- Regenwater wordt opgevangen in drie ondergrondse tanks van elk vijftien m3.
- 85 procent van het waswater op de Beverwaard remise wordt gerecycled.