‘Tegen de dood kunnen we niet rijden’

Reportage

Ze zitten op het Willemsplein, zonder oog voor het wegdek van de Erasmusbrug dat zich majestueus boven hen verheft op weg naar de linker maasoever. Met een goede kop koffie wachten ze rustig op een volgende oproep vanuit de meldkamer. Hun dienst is anderhalf uur onderweg en de eerste A1 hebben ambulancechauffeur Dico en ambulanceverpleegkundige Benjamin er al opzitten.

Een A1: een mogelijk levensbedreigend voorval waar zo snel mogelijk op gereageerd moet worden. Om tien uur ’s morgens in hartje Rotterdam is dat een uitdaging. Dico, chauffeur op de ambulance, is echter heer en meester in het verkeer. Hij speurt de weg ver voor hem af en schat slalommend door het verkeer in waar er gevaar dreigt, waar hij in moet houden en waar hij zonder problemen vaart kan maken. In de 125, het identificatienummer van zijn Mercedes Sprinter, klinkt de sirene gedempt. Op straat is het een kabaal waar mensen direct op reageren: voetgangers houden verschrikt in, auto’s wijken uit voor de enorme auto met fluorescerende kleuren en vervaarlijk blauw schijnsel.