Groot, groter, grootst

Interview Lee Towers

Na de rust op het benedenwindse eiland trekt hij met veel plezier zijn zwarte smoking weer aan en pakt hij zijn gouden microfoon. En dan rijdt hij als Lee Towers in zijn witte Audi A6 Quattro naar een optreden, waar hij natuurlijk You’ll never walk alone zingt. Zijn grootste hit, die ook steevast klinkt bij Feyenoord. “Mijn cluppie”, zegt hij liefkozend. Met speels gemak krijgt hij 50.000 kelen aan het trillen. “Ze zingen het makkelijker mee dan het volkslied”, glundert hij.

Langzaam schrijdt hij de statige trap op. Onder het classicistische koepelgewelf van het Kurhaus, stapt Leendert Huijzer richting een tafeltje in de glazen uitbouw. Hij loopt nog niet lekker, het gevolg van een operatie waarbij een zenuw geraakt is. Hij geeft een gedecideerde knik met zijn hoofd en glimlacht verontschuldigend. “Komt ook niet meer helemaal goed, vrees ik”, zucht hij als hij zich op het bankje laat ploffen. Het zit hem zichtbaar dwars, want hij voelt zich nog vitaal en zo sterk als een os. “Ik maak er maar het beste van”, glimlacht hij terwijl hij zijn spierballen toont. “Drie keer in de week kom ik in de sportschool. Al gaat het nooit meer helemaal over, ik vreet die jonge gasten nog allemaal op.”