Rotterdammers maken Rotterdam

Woonboot

Hans Reitzema Tekst
Hans Reitzema Beeld

Vandaag heb ik mijn voeten aan de stad gegeven.
De kaart thuis gelaten en volg enkel nog mijn
ogen. Zijn op een plek omdat er geen reden is om
ergens anders te zijn. Dit is hier.

Als je water ziet dan is het al verdwenen.
Zonder houvast voert het weg en komt
het harder aan door terug te komen.
Gelukkig zijn er havens om te verblijven
zodat hier ook langer kan zijn.

Mocht je mij willen ontmoeten zoek niet
maar volg de kleine sporen die mensen
verstoppen in acties van alle dag.
Met een handdruk of zwaaibeweging
trekt het de wereld strak en op gang.

Nog niet helemaal hier of daar.
Nog geen land maar wel het leven
om straks daar weer te zijn,
zonder jou was ik duizendmaal verdronken.

Vanaf de kant leg ik nu mijn hoofd neer,
geef ik niet op maar heb ik wel de rust
om verschillen te zien.

(Geschreven voor Gers! #17)


Gino van Weenen

Gino van Weenen (1986) is gek van sport. Hij deed in Nederland op het hoogste niveau aan American football, rugby en sumoworstelen. Toch kennen we hem in Rotterdam vooral als optredend dichter.

Hij publiceerde nog nooit een bundel. “Ik ben bang om mijn poëzie ergens neer te leggen en niet te weten wat er daarna mee gebeurt. Ik hou meer van performance poëzie. Dan kun je zelf richting geven aan de tekst.” Toch is dat geen onzekerheid. “Het lijkt me heel frustrerend als mensen mijn poëzie niet snappen. Ik probeer iets te schrijven wat voor mezelf belangrijk is, maar wat ook universele waarde heeft.”

Hij wil vooral verhalen vertellen. Aan veel mensen. Over het stadsleven, dingen die hij ziet. Aan poëzie als vorm hecht hij niet. “Ik ben voor een ‘grensoverschrijdend intermediaal ding’. Ik bereik liever veertigduizend mensen met een blogpost dan dat ik een dichtbundel aan een veel kleiner publiek verkoop. Het gaat om bereik.”

Hoe Rotterdams is zijn poëzie eigenlijk? “Ik sta wel in de traditie van Rotterdamse dichters: scherp, snel, to the point.” Zijn eigen poëzie is beeldend, bedoeld voor zijn optredens. “Het zijn eigenlijk films van drie minuten. Wat je hoort, moet meteen binnenkomen, anders mis je de rest van de film.”