‘We maken de stad toekomstbestendig’

Dubbelinterview Ingeborg Berger en Joost van Maaren

In 2030 is circulariteit in Rotterdam de maatstaf: de helft minder primaire grondstoffen gebruiken, deze langer gebruiken en op het einde hergebruiken. Een hele opgave. Toch stellen Ingeborg Berger en Joost van Maaren, die vanuit de gemeente verantwoordelijk zijn voor de opzet en uitvoering van het circulaire programma, dat dit gaat lukken: “We hebben de lat inderdaad hoog gelegd. Maar wie geen ambitieuze doelen stelt, komt nergens.”

Er zijn drie grote onderwerpen binnen de circulaire gedachte in Rotterdam: het verminderen en herwaarderen van afval, het stimuleren van de circulaire economie (waarin grondstoffen niet worden weggegooid en terugkomen als nieuw product) en het verduurzamen van de Rotterdamse bouwsector. Volgens Berger kunnen we in de bouw namelijk nog flink wat duurzaamheidstappen zetten. “Tot nu toe hergebruiken we bouwmaterialen nauwelijks. Dat komt vooral doordat we nog te weinig weten over de mogelijkheden hiervan en hergebruik vraagt om logistieke mogelijkheden die er nu nog niet zijn. Maar aangezien we de komende twaalf jaar vijftigduizend nieuwe woningen willen gaan bouwen in Rotterdam, moeten we ons verdiepen in circulair ontwerpen en in circulaire bouwmogelijkheden. Daarom hebben we de bouw apart opgenomen in het programma.”