Voorop in de strijd

Interview Giovanni van Bronckhorst

Zijn naam wordt steevast in verband gebracht met dat ene woord. En zijn naam valt behoorlijk vaak in de media. Toch spreekt hij zelf maar bar weinig. Ja, over voetbal. Maar een diepte-interview met Giovanni van Bronckhorst is net zo moeilijk te vinden als een verdwaalde dodo op de Coolsingel. “Dit is denk ik mijn tweede interview, ja. Het hoeft van mij niet zo nodig. Ik houd werk en privé graag gescheiden.” Hij blijft dan ook moeite houden het achterste van zijn tong te laten zien.

Als hij geen profvoetballer was geworden, was Giovanni van Bronckhorst piloot geweest, zegt hij. Al vanaf het moment dat hij met zijn ouders voor het eerst een vliegtuig binnenstapte, hij was zeven jaar en ging naar Benidorm op vakantie, fascineert het hem. “Stoer. Spannend. En ook een beetje eng”, herinnert hij zich zijn eerste vlucht. Dat gevoel is nooit helemaal verdwenen, glimlacht hij. En toch trekt het vliegen hem nog altijd. Hij heeft in vluchtsimulators gezeten en mag soms een kijkje nemen in de cockpit. Met een verontschuldigende blik in zijn ogen: “Een voordeeltje als je bekende Nederlander bent.”