‘Dit kunnen wij nú doen om te helpen’

Klanten van breiwinkel Ja, Wol breien wollen buideltjes voor verweesde buideldiertjes

Het begon allemaal met een Australische architect die de winkel instapte voor een bolletje wol. Zo’n twee weken later hebben de vaste klanten van breiwinkel Ja, Wol in de Zwaanshals vele tientallen buideltjes gebreid voor door de enorme bosbranden verweesde buideldieren in Australië. Eigenaar Saskia de Feijter en ‘breiwilliger’ Angela Wiggers vertellen over dit hartverwarmende initiatief.

Op de entresol van het winkeltje in de Zwaanshals zitten De Feijter en Wiggers aan de koffie. “Hier doen wij alles met aandacht. Alle wol is van schapen die goed behandeld worden; we werken alleen met diervriendelijke producten. Waar mogelijk koop ik ook lokaal in. De producten die ik verkoop, zijn gemaakt door ondernemers uit de buurt die echt aandacht hebben voor hun producten. Zelfs de koffie zetten we met aandacht”, lacht De Feijter terwijl ze traag de French press doordrukt. “Ik verkoop het liefst minder maar beter, dan veel van mindere kwaliteit.”

Waar De Feijter zich ook hard voor maakt, is verbinding met de wijk. Ze wil dat het winkeltje in Noord veel meer is dan de plek waar je voor een streng wol komt. De voormalige marketeer, fotograaf en dj houdt breieenkomsten (“Het moet een geintje blijven, natuurlijk”, lacht ze om de vele woordgrappen die ze inmiddels heeft op het thema), ze is met een online community begonnen, geeft cursussen en workshops in de avonduren en ze staat af en toe zelfs voor de klas om breiles te geven aan kinderen.

Metronoom

De recent gestarte actie voor verweesde Australische buideldiertjes past naadloos in het plaatje van de sociaal betrokken De Feijter. “Maar ik ben niet de initiator van dit alles, hoor”, haast ze zich om de credits te geven aan Mae de Bruijn, parttime-verkoopster in de winkel. “Op een dag stond Mae in de winkel toen Meagan Kerr binnenstapte”, vervolgt Angela Wiggers terwijl ze schijnbaar achteloos een wollen buidel, formaat kangoeroekind, maakt. Het tikken van haar breipennen is als een metronoom voor het gesprek.

Kerr is een Australische architect die woont en werkt in Rotterdam. Wiggers: “Zij vertelde dat ze hoog en droog in Nederland zit terwijl er in haar land gigantische bosbranden verwoestend huishouden. En ze wilde een bolletje wol om een buideltje te breien. Dat triggerde de nieuwsgierigheid van Mae, die doorvroeg.”

‘Een babybuideldier kan niet zonder de warmte van de zak op de buik van zijn mama’

Substitutiebuidel

Wat bleek? De breigemeenschap in Australië maakt al heel lang wollen buideltjes voor buideldieren die hun moeder verliezen. En een babybuideldier kan niet zonder de warmte van de zak op de buik van zijn mama. Wiggers: “Als een kangoeroe aangereden wordt, kijken bestuurders van de auto die het ongeluk veroorzaakten vaak in de buidel van het overleden dier. Daar zit dan soms een jong in dat de botsing wél overleefd heeft. Deze verweesde jongen worden vervolgens opgevangen en in een klein wollen buideltje gehouden.”

Met de huidige natuurramp die door Australië trekt, blijken er zoveel verweesde opossums, koala’s, kangoeroes en wombats te zijn dat de breiende bevolking de vraag naar substitutiebuideltjes niet bij kon benen. De medewerkster van Ja, Wol was gegrepen door het verhaal en plaatste een oproep in de online community van de winkel. Binnen de kortste keren stroomden steunbetuigingen én wollen zakjes binnen.

De Feijter: “De mensen gingen aan! Het is een mooi voorbeeld van de verbinding die we proberen te bereiken. Dit is iets waarmee we kunnen helpen; van de hipster met trendy baard tot tante Annie op de hoek, iedereen kan meedoen en doet mee. Het is misschien maar een klein beetje hulp en er is nog heel veel ander leed in de wereld, maar dit kunnen wij nú doen. Ik vind het geweldig om te zien dat we er gezamenlijk de schouders onder zetten. En wees eerlijk: als je bloedt is een doekje gewoon ook fijn.”

© WIRES Australian Wildlife Rescue Organisation

Koppie eerst

Het is nog wel een dingetje, zo’n buidel breien. De Australische organisatie Wires coördineert de actie en heeft op haar site een uitgebreide tutorial. De Feijter: “Het moet honderd procent wol zijn – plastic en synthetische stoffen zijn niet geschikt. Je stopt je kind ook niet in een plastic zak, toch? De wol die je gebruikt, moet ook een beetje dik zijn, zoals onze IJslandse wol. En je mag alleen rechte steken breien. Als het buideltje klaar is, gaat er een katoenen zakje in. Dat kun je wassen, zodat het geheel te hergebruiken is. De specifieke steek zorgt ervoor dat de buidel goed dicht en dus warm is maar wel ademt. En, niet onbelangrijk: door die steek kunnen de kleine buideldiertjes zelf in het zakje kruipen. Dat doen ze zoals ze bij hun moeder in de buidel kruipen: koppie eerst en dan omdraaien als je erin zit. Zo schattig.”

‘Plastic en synthetische stoffen zijn niet geschikt voor de buideltjes, je stopt je kind ook niet in een plastic zak, toch?

Intussen laat Wiggers twee foto’s zien die Wires toegestuurd heeft. Op de ene een miniatuurversie van een opossum die met grote ogen hulpeloos in de camera staart. Op de andere twee Joey’s, de koosnaam voor babykangoeroes, die intens tevreden naast elkaar zitten. “De organisatie schat dat er enkele honderden buidels nodig zijn in de komende weken en maanden. Wij kunnen er straks enkele tientallen leveren.” Wiggers glundert als ze vertelt over de inzet van de vaste klanten. “Iedereen doet zijn best. De een heeft tijd voor één buideltje, anderen breien er wel acht in anderhalve week tijd. We zijn blij met elke bijdrage. Met elkaar maak je dan toch een verschil”, sluit Wiggers af terwijl haar breipennen vrolijk doortikken aan nog een volgend buideltje.