Lang leve de metro!

RET

De Rotterdamse metro bestond op 9 februari precies 50 jaar. Wat in 1968 begon met een enkele lijn van 5,7 kilometer van Rotterdam Centraal Station naar Zuidplein, is uitgegroeid tot een fijnmazig netwerk van 162 kilometer dat de hele regio verbindt. Dagelijks nemen 300.000 mensen de metro. Zij hebben de keuze uit vijf lijnen waarvan één helemaal naar Den Haag rijdt. En eind dit jaar komt Hoek van Holland daar als nieuwe bestemming bij.

Vooruitstrevend

Hij is krap een jaar directeur van de RET, dus ver terugkijken in de metrogeschiedenis kan Maurice Unck nog niet. Toch weet hij die mijlpaal van vijftig jaar geleden te benadrukken. “Hoe klein het ook begon, in Rotterdam hebben we het lef gehad iets wat nog niet in Nederland bestond waar te maken. We hebben de stad opengegraven en een metrolijn aangelegd. Noord en zuid werden ondergronds met elkaar verbonden. Dat was destijds echt vooruitstrevend.”

Populair

“De metro is al jaren populair”, gaat Unck verder. “Steeds meer mensen maken er gebruik van. Wat je daarnaast ziet, is dat Rotterdam groeit. De komende jaren worden hier 50.000 huizen bijgebouwd. We zijn nu al druk bezig om al die nieuwe inwoners straks te kunnen vervoeren. We willen de metro naar de mensen toe brengen, daar waar zij wonen. Dat hebben we ook met Randstadrail, lijn E, gedaan. Sinds de metro daar rijdt en nieuwe stations aan deze lijn zijn bijgebouwd, is het gebruik toegenomen van 6.000 naar 43.000 reizigers per dag.”

‘We willen de metro vaker laten rijden, van elke vier minuten naar elke anderhalve minuut een metro’

“Om te voorkomen dat we worden ingehaald door de toekomst, willen we de metro vaker laten rijden; van elke vier minuten naar elke anderhalve minuut een metro. Daarnaast zijn er plannen voor de aanleg van een lightrail verbinding à la de Randstadrail die via Schiedam naar Rotterdam-Zuid gaat. Feijenoord en de Van Nelle Fabriek krijgen dan nieuwe stations. Zo wordt onze regio nog bereikbaarder en aantrekkelijker om in te wonen en te werken of om te bezoeken. Als we over vijftig jaar terugkijken naar honderd jaar metro, moet er nog honderd kilometer spoor bij liggen. Dat zou ik heel mooi vinden!”

Maurice Unck

Beste uitvinding

Een wekelijkse forens en fan van de metro is Robin de Puij. Hij woont in Spijkenisse en maakt al 35 jaar gebruik van de metro. Vroeger om naar school te gaan en de laatste 27 jaar naar zijn werk. “Veel mensen willen niet in Spijkenisse wonen. Voor mij is het echter een fijne plek om te wonen, met alle voorzieningen die ik nodig heb en een ideale verbinding met Rotterdam. Als ik ‘s ochtends vroeg instap om te gaan werken, zie ik hoe de metro, als een slagader, de binnenstad volpompt met leven. ‘s Avonds pompt hij de stad weer leeg. Hij is niet meer weg te denken uit het leven van mensen. Ik vind het de beste uitvinding op het gebied van OV”, zegt De Puij enthousiast.

“Wat ook een groot voordeel is van de metro”, gaat De Puij verder, “is dat hij altijd rijdt. Dit in tegenstelling tot de tram en de trein die veel meer last hebben van ander verkeer of van de weersomstandigheden. Het is een apparaat waar je nooit aan twijfelt, ik ben gek op de metro.”

De Puij heeft een goede tip voor de RET. “Ik heb gehoord dat enkele lijnen tot later in de nacht gaan rijden. Het is mij weleens overkomen dat ik met een slok op in slaap ben gevallen en bij het eindstation pas wakker werd. Het zou fijn zijn als de conducteur in de laatste metro een wake up call omroept. Als je in slaap valt en je woont in Rhoon, dan is het namelijk best ver teruglopen.”

‘Wat ik leuk vind aan het besturen van een metro is het machtige gevoel van een aantal ton dat je in beweging zet’

Machtig gevoel

Er werken 312 metrobestuurders bij de RET die ervoor zorgen dat alle passagiers veilig en op tijd op hun bestemming komen. Sylvia Spruit is er één van. Ze werkt zeven jaar als bestuurder, rijdt op de A-, B- en C-lijn en doet dit met veel plezier. “Wat ik leuk vind aan het besturen van de metro is het machtige gevoel van een aantal ton dat je in beweging zet. Het is ‘jouw’ metro en jij draagt de verantwoordelijkheid over de passagiers die je vervoert”, zegt Spruit.

Haar liefde voor de metro begon toen ze jong was. Haar ouders hadden een banketbakkerszaak aan het Mijnsherenplein waar Sylvia ook woonde. Ze zag de oude toestellen dagelijks voorbijrijden. “Hier staat de metro op grote betonnen pilaren. Een kunstenaar heeft in de jaren zeventig twee pilaren beschilderd met een sanseveria en een roos. Bij de opening mocht iedereen op de foto. Ik was toen een jaar of acht of negen. De kunstwerken bestaan nog steeds en de foto heb ik ook nog!”

Bij het besturen van een metro komt best veel kijken. Aspirant-bestuurders worden opgeleid in een metro-simulator, waar alle lijnen realtime staan ingetekend. Zo doen ze baanervaring op. “Als je het eenmaal hebt geleerd, verleer je het niet meer, net zoals met autorijden”, zegt Spruit. Het lastigste is zo comfortabel mogelijk voor de passagiers te rijden. Ook moet je kunnen anticiperen op het gedrag van andere weggebruikers bij de gelijkvloerse kruisingen. Alhoewel contact met passagiers in een afgesloten cabine lastig is, zeg ik mijn reizigers altijd gedag bij de eindpunten of maak ik grapjes.”

Sylvia kijkt uit naar het rijden op de Hoekse Lijn. ‘Dat zou een uitbreiding van mijn werkzaamheden zijn met als het goed is hogere snelheden, beweegbare bruggen en andere signaleringen”, vertelt zij met trots.

Robin de Puij

Schat aan verhalen

Vijftig jaar metro heeft een schat aan verhalen opgeleverd. De RET staat dan ook uitgebreid stil bij dit jubileum. De allereerste metro die destijds reed, is gerenoveerd en was als tijdelijk pop-up museum te bezichtigen op station Blaak. Inmiddels staat hij weer in de remise aan de Kootsekade, waar hij nog altijd te bezichtigen is. RTV Rijnmond zendt elke dinsdag om half één een serie uit over de jarige metro.

Kijk voor alle activiteiten op www.50jaarmetro.nl.